Taiwan - Deel 6 -Het woeste hooggebergte
Taiwan kaderde in onze reis van 6 maanden door Japan, Korea en Taiwan. Nadat we onze auto vanuit Japan terug verscheept hadden naar België vlogen we voor 3 weken naar Taiwan waar we een Ford camionette huurden.
Het woeste hooggebergte
Het binnenland in hartje Taiwan bevalt ons zo goed dat we tegen schema en tijd in toch nog de 200 km verder door het woeste binnenland er bijnemen.
Vanaf Sun Moon Lake wordt het weer gestadig klimmen. We willen over de hoogste bergpas. Hartje Taiwan is hier wel letterlijk te nemen. Puli 18 km ten noorden Sun Moon Lake is het geografisch centrum van het eiland.
De gehaaste wolken die de hele morgen al verstoppertje speelden met de hoogste bergtoppen, spelen ons nu parten. Enkele honderden meter voor de top van de 3275 m hoge Wustepas, worden we er door opgeslorpt en zitten we in een dikke mist.
't Is één van de weinige plaatsen waar in de maanden januari februari geskied wordt en waar bergbeklimmers hun hartje kunnen ophalen.
Wat we niet in de folders vonden en toevallig ontdekten door een bord langs de weg is Taiwans grootste Taoïstische tempel, 8 km buiten Kukuan. Het complex tegen een bergflank omvat 3 tempels, enkele administratieve gebouwen en een commerciële vleugel met souvenirstandjes en restaurant.
Er zijn niet veel gelovigen op deze vroege zaterdagmorgen, maar die er zijn menen het.
Een vrouw staat luid te zingen, zwaaiend met een handvol wierookstokjes. Voor de hoofdtempel doet een priesteres een vorm van handoplegging bij een vrouw. Niettegenstaande het blijft bij zachtjes wrijven en aanraken van bepaalde lichaamsdelen, laat de vrouw luidop haar gevoelens blijken door pijnlijk te kreunen of zich voldaan en opgelucht te tonen.
Twee jonge vrouwen voeren op blote voeten een rituele dans uit. Een echte evenwichtsoefening met gesloten ogen waarbij lichaam, armen, handen en benen sierlijke vormen aannemen.
Een groepje van 6 in een zelfde geel plunje doet de hele bedevaart met het nodige ritueel langs alle zijnissen en heiligenbeelden.
Terug in de vlakte langs de westkust doen we Taiwans derde grootste stad Taichung aan.
De blikvanger in Taichung is zeker de Paochuen-tempel. In een drukke straat prijkt boven de omheining tussen de omliggende hoogbouw een enorm 32 m hoog verguld boeddhabeeld. Een Maitreya zoals deze dikbuikige schalkse boeddhavoorstelling gezeten op een lotus in India genoemd wordt.
De tuin rond de tempel is opgesmukt met afbeeldingen van de Maitreya. Schijnbaar een levensgenieter die in alle houdingen, levensgroot tot in het lachwekkende toe voorgesteld wordt.
Over een goed uitgebouwde route Nr 3 rijden we langs uitgestrekte aardbeienvelden waaraan de vruchten volop hangen te rijpen, naar Sawan.
't Is wel wat zoeken om het tempelcomplex van Shihtoushan op zo'n 25 km van de hoofdbaan te vinden. Het duurt even voor we de juiste Chinese karakters ontleed hebben, maar een half uur later staan we toch op de parking voor onze laatste nacht in de auto.
Als we 's morgens verschillende Taiwanezen vanaf de parking naar de hoofdtempel zien trekken denken we dat er een vroege eredienst plaats heeft. We volgen ze maar stellen al vlug vast dat het hen daar niet om te doen is. Zij maken er een morgenwandeling van over de rug van de berg.
We hebben er al een stevige wandeling opzitten voor we terug aan het tempelcomplex zijn.
Dit uitgestrekt Boeddhistisch klooster waar monniken en nonnen een spartaans leven leiden ligt uitgestrekt tegen de flanken van "Lion's Head Mountain". Vanop een afstand zou men met wat verbeeldingskracht een leeuwenkop herkennen in de silhouet van de bergflank, vandaar de naam.
De piramidevormige verbrandingsovens bij haast iedere tempel hebben ons al dikwijls geïmponeerd. Hier is een priesteres met veel ceremoniële buigingen, vreemde gebaren en danspasjes de papieren ruikers, figuurtjes en boekjes die op het offeraltaar achtergelaten werden aan het verbranden.
Een man die onze belangstelling ziet legt het uit. De vergulde papieren lotussen, figuurtjes of gewone blaadjes met teksten en tekeningen op is "Ghost Money". Om geen echt geld te moeten verbranden wordt dit nepgeld dat aan de kraampjes rond de tempels met pakken verkocht wordt geofferd.
Tijdens het ritueel met de wierookstokjes waarbij ze de goden om één of andere gunst smeken, ligt het nepgeld op de offertafel. Sommigen verbranden nadien zelf hun "Ghost Money", maar als het papier op de tafel te omvangrijk wordt doet een priester of priesteres het verbrandingsritueel. De rook gaat op in de kosmos om de goden te behagen. Er zijn ook varianten die dan weer slaan op het bevredigen van de wil van boze geesten. Of nog andere die daardoor het nodige zakgeld willen verschaffen aan een afgestorvene voor een beter leven in het hiernamaals.
Truckers werpen onderweg op gevaarlijke plaatsen soms nepgeld uit hun voertuig voor bescherming van één of andere verkeersgod. Daarom ook die honderden kleine offerplaatsjes die men op alle plaatsen in het land vindt en waar altijd wierookstokjes en kaarsen branden en kleine hoeveelheden voedsel en "ghost money" te vinden zijn.
Naargelang de gouden of zilveren opdruk in het midden van het papiertje spreekt men van "Gost Money" of "God Money", die gebruikt worden om de goden te behagen of figuurlijk hun gunsten af te kopen.
Opvallend dat in de tempels alles er op wijst dat enkel gebeden wordt voor het materiële welzijn van zichzelf, zijn familie, omgeving of afgestorvene, maar haast nooit met het inzicht op een beter plaatsje in het hiernamaals.




Het woeste hooggebergte
Taiwan